Berichten

Boontjes

Ik moest boontjes hebben en het lot had mij de weg naar een authentieke groenteboer gewezen. Zo eentje met kisten voor de deur en een toonbank in de winkel. Ook voor de toonbank trof ik kisten aan, en in alle kisten zat prachtige verse groente. Ik moest slechts één vrouw voor mij dulden, maar dat gaf niet. Ik had de tijd. ‘Twee kilo sperzieboontjes,’ zei ze. De jonge knaap achter de toonbank liep naar de kist boontjes, deed een handje in een zak en liep twee meter verder naar de weegschaal. 157 gram. Ik hoorde hem denken: dat is nog geen twee kilo. Hij liep terug, deed er weer een handje in en liep terug naar de weegschaal. Kennelijk hadden we hier te maken met een vakantiewerker die zich de specifieke eigenschappen van het metrische systeem der maten en gewichten nog niet volledig eigen had gemaakt. Inmiddels zaten we op 692 gram; nog een kwartiertje te gaan. Ik suggereerde dat de jongeman misschien wat meer boontjes in de zak kon doen voor hij naar de weegschaal liep, maar ik tekend…

Bezet

Situatie: een winderige, koude Nederlandse kustlijn, de marinehaven van Den Helder binnen bereik, een strandtent met een tafeltje en drie stoelen. Ik op één van die stoelen, bakje kibbeling op tafel. Toen ik vanaf de stoel de andere tafeltjes peilde, dacht ik even dat ik een waarschuwingsbordje had gemist. Er werd geen woord Nederlands gesproken. Het waren zonder uitzondering Duitsers die mij omgaven. Vriendelijke Duitsers, zeker, maar toch. Geen landgenoot te bekennen. Mocht ik daar eigenlijk wel komen? Werd ik niet meer dan gedoogd? Ik ga nu geen grapjes maken over ‘40-’45, dat komt zo. Een week later namelijk, hoorde ik het verontrustende bericht op de radio dat Luchtmachtbasis Leeuwarden onbereikbaar was geworden. Was de basis aangevallen? Waren onze dure F16’s naar de kloten geschoten in een tweede Pearl Harbor? De opgegeven reden zou een dergelijke uitleg kunnen rechtvaardigen, want er waren problemen met de bezetting, aldus de woordvoerder. En dát was in ‘40-’45 ook zo. Er ware…

Potgrond

In Bolsward staat een boom. Een mooie boom. Misschien wat hoog en wat te breed. Misschien was het beter geweest dat er geen takken aan zaten. En blaadjes. En misschien was het beter geweest dat hij geen zaadjes in het rond strooide. Maar ja. Dat doen bomen. Ze laten blaadjes vallen en ze ejaculeren. Je kunt er niets aan doen. De specifieke boom staat al meer dan veertig jaar in de tuin van mijn ouders en toen ze nog gewone buren hadden was er niets aan de hand. Die mensen hielden van bomen, hadden hun tuin nog niet geasfalteerd en veegden de blaadjes, zaadjes en takjes even op een blikje en gooiden het in de groene container. Maar die buren verhuisden. In plaats daarvan betrokken respectievelijk een familie met een migratieachtergrond het ene huis, en twee dames van de vrouwenliefde het andere. Dat laatste zou ik nooit zo expliciet hebben genoteerd als het niet juist de homoscene was die het zo belangrijk vindt, in het kader van gelijke rechten, dat homo’s te pas en te onpas laten wet…

Peuk

‘Best gek hè?’ Dat kinderen op de basisschool het woord peukje leren schrijven. Vond KWF Kankerbestrijding. Ik niet. Sterker nog, ik begrijp er helemaal niets van. Waarom zouden we geen woorden mogen leren schrijven met een negatieve betekenis? Op school leren we ook het woord holocaust. Gelukkig maar, want daarom kunnen we in boekjes schrijven dat we er alles aan moeten doen om dat soort dingen in de toekomst te voorkomen. En KWF, hoe zit het dan met woorden als as, vuur, rook en vloei? Mogen de kinderen die wel leren schrijven? Allemaal woorden die met roken te maken hebben. Oh ja, natuurlijk. Die woorden kunnen nog in een andere context worden gebruikt. Dan mag het weer wél. Het maakt de campagne van KWF wel wat selectief. Stel je voor zeg, dat we alleen woorden leerden die iets moois en leuks uitdrukken. Dan zouden er geen geschiedenisboeken bestaan en werd het ons onmogelijk om van onze fouten te leren. Neem het woord bijbel. Niet echt een sprookjesboek waarin iedereen nog lang e…

Wij

Op 26 maart was het weer zover. Het elftal had verloren en mij werd voor de zoveelste keer de rol van bondscoach opgedrongen. Onder meer RTL bracht het nieuws. Beelden van mannen en vrouwen die kond deden van een echec, een drama. Wij hadden verloren van Hongarije of Bulgarije of zo. Wij. Dat is dus inclusief Mij. En Wij waren allemaal bondscoach want, zo wist de verslaggever, Nederland had er 17 miljoen van. En die wisten allemaal hoe het beter moest. Ook ik moest mij aangesproken voelen, maar ik wist niet eens dat Wij speelden. Werkelijk geen idee. Ik heb de schurft aan voetbal, want zeg nou eerlijk, je schaamt je toch dood als je tijdens een kampioenschap de televisie aanzet, en Wij doen mee? Als hunebedbouwer, leeuw of viking verklede hulpbehoevenden die op straat met zijn zevenentwintigen doen alsof ze in een bobslee zitten. Door alcohol gemankeerde oranje gekken die oeh oeh roepen bij het zien van een zwarte doelman. Corrupte besturen die geen voetbaltoernooi organiseren in land…

Nieuws

Omdat ik al een paar jaar niet meer in Bolsward woon, ben ik voor de nieuwsvoorziening die ik nodig heb voor deze column, voor een groot deel afhankelijk van internet en de website van deze krant. En daar kom ik steevast tot de conclusie dat Bolsward een rustig, ietwat ingeslapen, elfstedenstadje is, waar, behalve op tweede pinksterdag en tijdens Heamiel, weinig te beleven valt. Natuurlijk, er is een piskruis op de Bargefenne geplaatst, ik weet het, maar ander groot nieuws heb ik de laatste tijd niet gelezen. En toch is er nieuws; dat kan niet anders in een stad met tien-, elfduizend inwoners. Elk met een eigen verhaal. Dat van Henk bijvoorbeeld, en zijn nieuwe gitaarschool. Het verhaal van mijn ouders, bij wie elke beweging die ze maken pijn doet. Mijn moeder van 85, mijn vader van bijna 88, die nu nog moeten ondergaan dat anderen met enige regelmaat rotzooi in hun tuin kieperen. Het verhaal van Gerrit met zijn mooie vintage hifi platenspelers. Succesverhalen en verhalen over zieke g…

Herkenning

Echtgenote heeft een nieuwe telefoon, en als je cheese roept, neemt hij een foto. Het gekke is, dat hij dat ook doet als je whisky roept. Nu kan ik cheese nog linken aan het nemen van een foto, maar whisky niet. Als ik whisky roep, dan is het meestal vrijdagmiddag, vijf uur en heb ik zin in een goed glas malt. Maar mijn telefoon doet, in tegenstelling tot die van echtgenote, niks. Het is daarom goed dat mijn vrouw geen whiskyproeverijen frequenteert en ik mijn eigen whisky koop, want anders zou de capaciteit van de geheugenkaart van haar telefoon volledig opgaan aan foto’s van de binnenkant van de broekzak. Toch kan mijn generatie, die van de vijftigers, dergelijke gadgets erg waarderen. We hebben het jaren zonder gedaan, maar we begrijpen het nog wel. Ben je jonger, dan is alles normaal, en ben je ouder dan begrijp je er niets van. Een tijdje geleden zat ik met een paar collega’s in een Chinees restaurant de meest recente technische ontwikkelingen te analyseren. Eén van hen toonde on…